Kies een ander land of regio als je de content voor uw locatie wil zien.

Luxemburg - (Nederlands)
Luxemburg - (Frans) Luxemburg - (Nederlands) België - (Nederlands) België - (Frans) België - (Engels)
Ga door

Juridisch

Successierecht op gezinswoning

02 juli 2018 | Juridisch

Het successierecht werd geregionaliseerd: sinds 1 januari 2002 zijn de gewesten van ons land bevoegd voor het bepalen van de belastbare grondslag, het tarief, de vrijstellingen en de verminderingen inzake successierechten. Om te weten welk gewest bevoegd is en welke tarieven van toepassing zijn, moet u nagaan in welk gewest de overledene het langst zijn of haar fiscale woonplaats had tijdens de vijf jaar voorafgaand aan het overlijden.

In het kader van deze fiscale autonomie heeft elk gewest specifieke maatregelen ingevoerd die resulteren in een vermindering of een vrijstelling van erfbelasting / successierecht op de gezinswoning indien een naaste van de overledene de woning erft. Daarom geven de juristen van estate planning u graag een overzicht van de geldende regels in elk gewest. Vooreerst dit: geen enkel gewest kent een vrijstelling toe indien de gezinswoning in volle eigendom toebehoort aan een vennootschap. In deze bijdrage gaan we uit van de hypothese dat de gezinswoning toebehoort aan een natuurlijk persoon.

Vlaams Gewest

Overlevende echtgenoot en (wettelijk en feitelijk) samenwonende partner

In het Vlaams Gewest wordt het aandeel van de overledene in de gezinswoning volledig vrijgesteld van erfbelasting indien dat aandeel wordt geërfd door de echtgenoot, de wettelijk samenwonende partner1 of de persoon die minstens drie jaar ononderbroken met de overledene feitelijk samenwoonde en met deze laatste een gemeenschappelijke huishouding voerde op het moment van overlijden.

1Onder “wettelijke samenwoning” wordt in de drie gewesten verstaan de toestand van samenleven van twee personen die een verklaring van wettelijke samenwoning hebben afgelegd door middel van een geschrift dat tegen ontvangstbewijs wordt overhandigd aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats (artikelen 1475 en 1476 van het Burgerlijk Wetboek). De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt melding van de verklaring van wettelijke samenwoning in het bevolkingsregister.

Deze gunstmaatregel is van toepassing op de woning die dienst deed als gezamenlijke hoofdverblijfplaats van de overledene en de echtgenoot of samenwonende op het moment van overlijden, en dit onafhankelijk van de waarde van die woning. De inschrijving in het bevolkingsregister geldt als vermoeden van samenwoning tot bewijs van het tegendeel.

"Geen enkel gewest kent een vrijstelling toe indien de gezinswoning toebehoort aan een vennootschap.”

 

De aanhorigheden2, zoals de garage en de tuin, genieten eveneens deze vrijstelling. Bovendien kan de vrijstelling ook worden toegekend voor een bedrijfsgebouw dat deel uitmaakt van een samenhangend complex (bijvoorbeeld een hoeve, een handelszaak, een kantoorruimte in een handelscomplex) indien het deel dat wordt gebruikt voor professionele doeleinden en het privégedeelte onafscheidelijk deel uitmaken van één samenhorend complex, en het bedrijfsgedeelte - gelet op de waarde en/of de omvang - ondergeschikt is aan het bedrijfsgedeelte. Als aan deze voorwaarden niet wordt voldaan, dan zal de vrijstelling niet gelden voor het professionele gedeelte.

2 Als “aanhorigheid” wordt beschouwd elk gebouwd of ongebouwd onroerend goed dat volgens zijn aard, ligging, oppervlakte en waarde een normale bijhorigheid van de woning vormt.

Zoals we eerder reeds opmerkten, is de vrijstelling van toepassing op de hoofdverblijfplaats van de overledene en de echtgenoot of samenwonende partner op het moment van overlijden. Sommige gebeurtenissen kunnen echter als gevolg hebben dat de echtgenoten of samenwonenden niet langer in de mogelijkheid verkeren om samen in de gezinswoning te leven. We denken hierbij aan de opname van een echtgenoot of samenwonende in een rusthuis of aan het vertrek naar het buitenland van een echtgenoot of samenwonende in het kader van diens professionele activiteit.

 
 
Luxemburg - (Nederlands)
Luxemburg - (Frans) Luxemburg - (Nederlands) België - (Nederlands) België - (Frans) België - (Engels)